Annuleren

Zoek hier binnen onze website

Woensdag 28 maart

Sacramenten

Lezen: Psalm 116:10-19

Psalm 116 is een lied vol persoonlijke ervaringen. In moeite, benauwdheid en verdriet grijpt de dichter van deze Psalm de Heere aan: ‘Ik heb geloofd…’ (vers 10). Want dat is wat geloof is: Hem aanroepen; Hem aanhangen; in de duisternis van je ziel je vertrouwen en hoop op Hem stellen. Zondaren leren in de nood van hun bestaan Wie de Heere is. Die ervaring - of bevinding - is verbonden aan het kennen van de Heere Jezus als Zaligmaker. Hij wordt in de donkerheid van ons bestaan, door de Heilige Geest, geopenbaard als enige Verlossing.

Christus is in deze Psalm aanwezig. Maar Christus kon deze Psalm juist ook Zelf zingen. God heb ik lief! Dat kon Hij écht zingen! Helemaal volmaakt is de liefde van Hem tot Zijn Vader. En niemand is ooit door de banden van de dood en de angsten van de hel zo aangegrepen als Jezus. Maar voor Hem was er geen verlossing. Geen beker der verlossing, maar een beker der gramschap. Maar Hij ging de dood in, uit liefde. Hij was Gods Dienstknecht (vers 16). Gehoorzaam, zoals Zijn moeder dat was (Luk.1:38).

Dat zondaren de ‘beker der verlossing’ mogen opheffen is schitterende genade van God. Het is de beker van Jezus (Zijn naam zit in het Hebreeuwse woord)! Onuitsprekelijk is het werk dat Hij heeft gedaan; lager dan wij kunnen vallen is Hij in de diepte van de zonde afgedaald. Wie gered is uit de nood van de zonde en ellende door deze Heiland, wil offers van dank brengen en Zijn naam alleen eren.

  • Waar in deze Psalm zing je over de Heere Jezus?
  • Waar zing je met Hem?
  • Waar breng je Hem de lof toe, die Hij waard is?
1178