Annuleren

Zoek hier binnen onze website

Woensdag 8 maart

studie-vergeven-of-vergeving-vragen-1014x487

Lezen: Leviticus 16

In de offerdienst, waar steeds bloed vloeide, neemt Grote Verzoendag een bijzondere plek in. Op de tiende dag van de zevende maand vastte Israël. Het was een dag van berouw en boete. Die dag was de enige dag van heel het jaar dat de hogepriester met bloed het heilige der heiligen binnenging, eerst in de tabernakel en later in de tempel. Om verzoening te doen. Een keer per jaar maakte de Heere schoon schip met het volk.

Er was op deze dag een zondoffer (jonge stier) en een brandoffer (ram) nodig voor hemzelf en de priesters én nog een keer twee geitenbokken en een ram voor het volk. Een bok werd weggezonden, de woestijn in. De andere bok werd geslacht en met het bloed moest de hogepriester het heiligdom binnengaan om verzoening van de zonden te doen voor God. Hoe dat precies gaat, kun je lezen in Leviticus 16. Het gaat echter om de vervulling. Wat hebben Grote Verzoendag en Goede Vrijdag met elkaar te maken? Alles. Wat verborgen was is bekend gemaakt. Jezus heeft geen vreemd bloed gestort, maar Zijn eigen bloed gegeven. Hij is Offer en Priester tegelijk.

Het initiatief tot verzoening ligt altijd bij God. Dat maakt de Heere op Grote Verzoendag zichtbaar. Maar dat maakt Hij nog veel heerlijker zichtbaar op Goede Vrijdag. De mensen vergrepen zich aan Jezus. Ze wilden Hem niet, maar ze hadden niet in de gaten wat God aan het doen was. Voor eens en altijd rekende Hij af met de zonde van Zijn volk. Lof zij het Lam! Hij tot zonde gemaakt, opdat wij zouden worden rechtvaardigheid van God in Hem (2 Kor. 5:21). Raakt dit jouw hart?

  • Wat betekent het dat Hebreeën 9 vers 24 de tabernakel een tegenbeeld van het ware noemt?
  • Jezus werd weggeleid en heeft buiten Jeruzalem geleden (Hebr. 13:12). Hij is ook met Zijn bloed het heiligdom binnengegaan (Hebr. 9:11). Op welke manier is dit een vervulling van Grote Verzoendag?
  • Wat hebben deze dingen jou persoonlijk te zeggen?
1178