Annuleren

Zoek hier binnen onze website

18 sep 2017Geen reacties

Praten over de hemel - leren verlangen

Hemel

Gespannen keek hij mij aan. Zou hij wat hij voelde onder woorden durven brengen? Hoe zou er gereageerd worden? Toen kwam het eruit: “Ik denk dat ik het geen half uur in de hemel uit zou houden”. Ik was wel verbaasd, maar ook heel nieuwsgierig. Want ik verwachtte deze reactie niet bij deze betrokken tiener. Wat ging er in zijn hoofd om?

Door: Sjaak Jacobse

Deze jongen, laten we hem Sander noemen, kwam uit een heel normaal gezin. Op de vereniging was hij een van de gangmakers: gezellig, sociaal en altijd in voor een leuke uitdaging. En de dingen die hij deed, deed hij met een tomeloze energie. Stilzitten, nadenken en luisteren waren niet meteen de dingen die bij hem pasten. Maar wel merkte je bij hem een betrokkenheid op de Bijbel. Hij kwam in de groep ook met vragen die ertoe doen waarbij hij iets liet zijn van zijn innerlijk. De reactie van Sander op de vraag ‘hoe zie jij de hemel voor je?’ paste niet bij mijn beeld bij hem. Maar ik ben geen hartenkenner. Weet ik wat er in zo’n jongen écht omgaat?

Een boeiend gesprek volgde waarbij Sander en de andere jongeren open en eerlijk vertelden over de beelden die zij van de hemel hadden. Ze waren radicaal anders dan de seculiere beelden bij de hemel zoals die jaren terug tot uiting gebracht werden in een popliedje met de tekst: ‘I know a place where the sun's always shining; With lovely flowers around everywhere; Come take my hand, I'll show you I'll guide you; I know this place it's deep down inside you’; de hemel als de ideale vakantiebestemming, die je ten diepste in jezelf moet vinden; een hemelse illusie. Maar waren de beelden die de jongeren uiten dan meer in overeenstemming met de Bijbel? Er werden prachtige dingen genoemd: “een plaats van vrede, geen verdriet en pijn”. Wat verlangen jongeren naar zo’n plaats. Ook ontbrak God niet: “altijd bij de Heere” en: “zonder zonde”. Wat maakte toch dat Sander daar niet naar verlangde? Hij zei: “ik hoor altijd dat de hemel een plaats is waar het altijd kerk is en waar je zonder ophouden met elkaar zingt en samen aan een grote ronde avondmaalstafel zit. En ik bedoel dat niet oneerbiedig, maar ik kan nog geen tien minuten stil zitten. Ik zou daar diep ongelukkig worden”.

Die avond hebben wij met elkaar de Bijbel erbij gepakt. De hemel is allereerst een plaats waar we door wie wij zijn nooit meer kunnen komen, tenzij er een Godswonder in ons leven gebeurt. We moeten eerlijk belijden dat wij, met ons zondige verstand, geen enkel goed beeld van die plaats voor kunnen stellen. Paulus schreef over onvoorstelbare dingen. Aan de andere kant spreekt de Bijbel openhartig over de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. Een plaats waarin alles weer goed is. Goed omdat God álles zal zijn en dat heel Zijn schepping in overeenstemming zal zijn met het doel waartoe Hij alles geschapen heeft. Een plaats van oneindige blijdschap, liefde, geborgenheid, harmonie en heerlijkheid. Een plaats waarin Gods kinderen tot hun bestemming zullen komen als schepselen van de grote Schepper. Ook een Sander met zijn energieke en temperamentvolle karakter.

Die avond riep bij mij wel de vraag op hoe wij als leidinggevenden of ambtsdragers spreken over de hemel en of dit klopt met wat de Bijbel hierover spreekt. Als het goed is doet ons spreken over de hemel wat met jongeren. Het raakt een snaar omdat het iets oproept van dat we kwijt geraakt zijn, van de ellende waarin we leven én raakt het een verlangen naar herstel met de God van de hemel die alles eens nieuw zal maken!

816