Annuleren

Zoek hier binnen onze website

Blog: Alle hens aan dek

COLUMN

MH17, de marine, Italiaanse maffia - het is weer presentatietijd. De derdeklassers staan voorin het lokaal te zweten op hun spreekbeurt. Vandaag komt de Titanic weer eens langs, sommige onderwerpen blijven populair.

Voor de zoveelste keer verbaas ik me. Technologische vooruitgang maakte het mogelijk om aan het begin van de twintigste eeuw een enorm schip te maken, dat volgens de makers ‘praktisch onzinkbaar’ zou zijn. Met luxe suites, een bibliotheek, een fitnessruimte, een doka (om foto’s te ontwikkelen) en een promenadedek, deed de Titanic niet onder voor een hedendaags cruiseschip.

In 1912 wordt de Titanic te watergelaten. Tijdens de eerste reis gaat het in de nacht van 14 op 15 april mis; het schip schampt langs een ijsberg, waardoor water de romp binnenloopt. Het orkest blijft zo lang mogelijk spelen om paniek bij de passagiers te voorkomen, maar algauw ontstaat afschuwelijke chaos. Het personeel is niet getraind in evacueren en er zijn te weinig reddingsboten. Meer dan 1500 mensen verdrinken die nacht in het ijskoude zeewater.

Ruim 110 jaar na de Titanic-ramp luister ik naar een lezing. “De kerk is geen cruiseschip”, houdt de spreker ons voor, “waar je met je nieuwe zonnebril wat rondhangt op het dek en een selfie schiet in het zonnetje. De gemeente is eerder als een vliegdekschip.” Door een presentatie van twee knapen uit havo-3 over de marine heb ik wel beeld bij die enorme schepen. In Nederland hebben we vier grote fregatten. Eén daarvan, de Zr. Ms. Tromp, vaart momenteel in de Rode Zee. De opdracht van dit schip is het beschermen van schepen die aangevallen worden door Houthi-rebellen.

Dat is even andere koek dan een plezierreisje op een cruiseschip. Op een militair schip is er voor iedereen een taak: je werkt bijvoorbeeld in de keuken of je beheert de technische installaties. Je bent verantwoordelijk voor de juiste koers of je verleent medische zorg. Van matroos tot kapitein-luitenant: aan boord dien je met elkaar de missie, niemand vaart ‘zomaar’ mee. Zo is het ook in de gemeente. Ook al ben je (nog) dooplid, ook al verlangt niks in jou naar een ‘officiële’ opdracht in de kerk, ook al is dominee worden niet voor je weggelegd, omdat je een meisje bent - in de gemeente ligt ook een taak voor jou.

De klussen op een marineschip zijn niet altijd leuk; het dek moet geschrobd en de aardappels moeten geschild. Het uitzicht is soms grauw en de vijanden kunnen onverwachts aanvallen. Je zit maandenlang opgezadeld met mensen die je niet zelf koos en op zee kan het flink stormen. Gelukkig is er één verschil tussen een vliegdekschip en de christelijke gemeente. Wie - door genade - mee mag varen op het schip van de Kerk, komt altijd behouden Thuis.

Annerieke van Haaften

289