Annuleren

Zoek hier binnen onze website

Interview: Van goud of van hout

INTERVIEW

Hij was bijna acht jaar toen hij na een ernstig ongeluk beloofde zendingsarts te worden, maar hij duwde daarna alles weer weg. Tien jaar later greep de Heere in. En nog eens tien jaar later mocht hij naar Nigeria uitgaan als zendingspredikant. Hij stond daar aan de wieg van de Nigeria Reformed Church en was er jarenlang werkzaam. Dominee C. Sonnevelt uit Alblasserdam weet daardoor goed wat er op je af kan komen als je christen bent in een niet-christelijke samenleving.

In de jaren ’60 woedde er in Nigeria een burgeroorlog, de zogenaamde Biafraanse oorlog. Als middelbare scholier zette hij zich in voor mensen die onrecht lijden, zoals de van honger stervende kinderen in Biafra. Dominee Sonnevelt vertelt open over de tijd dat hij lid was van een radicale communistische jeugdbeweging. “Ik ging nauwelijks meer naar de kerk en vocht met God. Toen ik het van Hem verloor, voelde ik mezelf de grootste heiden en durfde ik de zending niet meer in. Ruim tien jaar later mocht ik toch zendeling worden en kwam ik in Biafra terecht, uitgerekend in het gebied waarvoor ik actie had gevoerd in mijn rebelse tienerjaren. Wat word je dan klein! Ik mocht daar nu het mooiste gaan doen wat er is: Gods Woord brengen.”

In 1981 werd u zendingspredikant in Izi (Nigeria). Was daar ook sprake van vervolging?
“Het was voor de eerste bekeerlingen in Izi niet makkelijk. Ze werden geslagen en uitgestoten. Zeker de oudste zonen hadden het moeilijk. Als een vader in een gezin overlijdt, gaat zijn geest naar de geestenwereld. Na een jaar moet je aan die geest gaan offeren. Doe je dat niet, dan krijgt hij honger en wordt hij boos. De oudste zoon moest deze offers brengen. Het is heel bijzonder dat juist een aantal van deze jongens zo radicaal door de Heere gegrepen werd. Zij kregen later bijna allemaal een leidende positie in de kerk. Twee van die jongens zijn nu predikant: dominee Daniel Mbam en dominee Kenneth Iziogo.
Je kan deze manier van vervolging niet helemaal vergelijken met die van de islam. Die bekeerlingen moeten vaak méér vervolging doorstaan.”

Kunt u een voorbeeld geven van vervolging in Izi?
“Er was een dorpshoofd  dat aanvankelijk naar de kerk kwam. Later viel hij toch terug in het heidendom en werd hij een felle tegenstander van het Evangelie. Hij deed er alles aan om de kerk in zijn dorp te verwoesten. Bijzonder was het dat zijn dertien vrouwen en zijn kinderen wel naar de kerk bleven gaan. Op zondag stond hij met een dubbelloopsgeweer aan de voorkant van zijn erf, klaar om ze neer te schieten. Maar dan kropen ze aan de achterkant door een gat in de heg naar buiten. Hoe ze dan weer thuiskwamen, legden ze in Gods hand. Was dat altijd vrucht van genade? Dat weet ik niet. Izi’s zijn als bamboe: niets kan hen stoppen om door te gaan. Maar het is wel opvallend.”

Benieuwd naar meer? Lees het interview met dominee C. Sonnevelt in Daniël.

289